Maïs zaaien: tips voor een geslaagde maïsteelt | Syngenta Belgie

You are here

Maïs zaaien: tips voor een geslaagde maïsteelt

Maïs
01.04.2021
Tips voor een geslaagde maisteelt. Hoe kunt u het beste voorbereiden?

Na de keuze voor de beste maïsrassen die passen op uw bedrijf, is het raadzaam om de zaaiperiode goed voor te bereiden. De teelttechniek vraagt steeds meer aandacht om tot een maximaal rendement te komen.
In dit artikel aandacht voor:

  • Bemesting perceel, waar op letten (bijv. zuurtegraad bodem, kalium)

  • Zaaiperiode, wanneer maïs zaaien, bodemtemperatuur

  • Grondbewerking voorafgaand aan maïsteelt

  • Aandachtspunten bij zaai (zaaidiepte maïs en zaaizaadhoeveelheid)

  • Opkomst meten (tip)

Bemesting maïsperceel

Door de steeds aangescherpte bemestingsregels is weten wat en hoeveel we moeten bemesten van groot belang. Een juiste bemestingsstrategie verhoogt de opbrengst van uw maïs.  
De zuurtegraad van de bodem meten is de eerste stap in de bemestingstrategie. Een juiste pH van de bodem is zeer belangrijk voor de opname van de andere nutriënten, maar ook voor een goede bodemstructuur. Maïs is een kalkminnende teelt die het best groeit op gronden met een optimale pH. De basis van een goede bemesting is dierlijke mest. Deze bemesting dient bij voorkeur vlak voor het zaaien te gebeuren. Aanvullende kunstmest bij voorkeur in de rij toedienen. Vergeet u ook de kaliumbemesting niet. Steeds vaker moet u dit bemestingselement door de strenger wordende bemestingswetgeving aanvullen.

Zaaiperiode maïs en bodemtemperatuur

Een geslaagde maïsteelt start bij een goede inschatting van de bodemtemperatuur. Voor een vlotte kieming is de bodem bij voorkeur opgewarmd tot 10C°
Zaai onder koudere omstandigheden geeft meer kans op opkomstproblemen door oa. bodemschimmels (Phytium, rhizoctonia, ...) en insecten zoals ritnaalden
Te laat zaaien heeft gevolgen voor zowel opbrengst als kwaliteit. Laat zaaien geeft vaak lange maar zwakke planten met een matige kwaliteit en een lagere opbrengst als gevolg.

Tips grondbewerking voorafgaand aan maïsteelt voor vlotte kieming en geslaagde onkruidbestrijding

Het is aan te raden om bodembewerkingen pas uit te voeren als het perceel voldoende droog is. De juiste bodembewerking zorgt voor een optimaal zaaibed zodat de maïs een vlotte opkomst kent. Het zaaibed van de maïs moet vlak zijn. Dit is van belang voor een vlotte maïskieming én voor een geslaagde onkruidbestrijding. Zorg voor een losse bovenlaag (4-5 cm). Onderaan moet de bodem aangedrukt zijn zodat u de maïskorrels in een vochtige ondergrond kunt zaaien. Deze combinatie zorgt samen met een goede bodemtemperatuur voor een vlotte opkomst van het maïsgewas.

Aandachtspunten bij het zaaien van maïs: zaaidiepte en zaaizaadhoeveelheid

Zaaidiepte:
Controleer voor u begint te zaaien op welke diepte u een vochtige aangedrukte bodem terugvindt. De zaaidiepte van de maïs hangt af van het bodemtype en de hoeveelheid vocht in de bodem. Over het algemeen zaait men in zwaardere bodemtypen iets minder diep dan in lichtere gronden.

Zaaizaadhoeveelheid:
De hoeveelheid maïszaden is afhankelijk van het gebruik. Korrelmaïs wordt over het algemeen iets dunner gezaaid dan kuilmaïs. Ook het zaaitijdstip is van belang. Hoe vroeger u zaait, hoe meer zaaizaden u nodig heeft. Hoe later u zaait, hoe minder.
Algemeen houdt u voor de uitzaai van kuilmaïs de volgende zaaizaadhoeveelheden aan:

  • Zaai half april: 100.000 zaden/ha
  • Zaai eind april:  95.000 zaden/ha
  • Zaai begin mei: 90.000 zaden/ha

Bij korrelmaïs gebruikt u per zaaitijdstip +/- 5000 zaden minder dan bij kuilmaïs.

Hoe kunt u eenvoudig de opkomst van de maïs controleren (tip) ? 

Afhankelijk van de temperatuur komen de zaden al dan niet vlot boven. Controleer altijd de opkomst van uw maïspercelen! Het aantal maïsplanten per hectare controleren is snel gebeurd:
Meet 13,3 (lopende) meter uit en tel het aantal planten en vermenigvuldig uw telling met 1000. Zo weet u snel of er voldoende maïsplanten op uw perceel zijn opgekomen!