You are here

De aardappelplaag verandert voortdurend!

Aardappel
15.06.2022

De meest recente resultaten van de monitoring van de stammen van de aardappelplaag in 2021, die onlangs door Euroblight zijn gepubliceerd, tonen dit opnieuw aan.

De 36_A2-stam is nu meer dan dominant in ons land. Het wordt gekenmerkt door: een veel kortere incubatietijd en cycli (5 dagen!), een versnelde sporenproductie en een vluggere bladvlekkengroei.

Deze kenmerken geven de stam een zeer grote mogelijkheid tot ontwikkeling op de plant en tot verspreiding in het milieu.

Ook in ons land duiken nieuwe klonen op uit de Scandinavische landen: 41_A2, 43_A2 en 44_A1. Deze nieuwe stammen hebben de neiging de plaats in te nemen van de "historische" stammen (1_A1, 6_A1, 13_A2).

De resultaten van Euroblight laten ook zien dat er geen afname van de gevoeligheid wordt waargenomen voor mandipropamid (actieve component van de Revus-familie), voor zowel oude als nieuwe stammen. 

 

 

Zoals men kan zien, is er jaar na jaar een evolutie in de stammen van de aardappelplaag. 

Hoe bij de start van het seizoen resistentie tegen fungiciden voorkomen? 

  • Vroeg starten en continu beschermen van jongen scheuten, zelfs bij weersomstandigheden met laag risico. De bescherming van elke bladetage is de meest zekere basis.
  • Gebruik performante middelen vanaf het begin, de vervolgbescherming zal het gemakkelijker maken
  • Voor een maximale bescherming worden best 2 - 3 opeenvolgende toepassingen van middelen op basis van mandipropamid gezet en daarna gevolgd door middelen met een andere werkingswijze.

 

Waarom zo sterk op het preventieve inzetten?

  • Het wachten op een sterk ontwikkelde bladmassa vóór het toepassen van de eerste fungicide behandeling maakt he moeilijker om de onderste bladetages voldoende te raken.
  • Bij aanwezige plaag ondergaat de plant een stressperiode en verbruikt de plant veel energie om te overleven. Het verlies is vaak groter dan het vastgestelde bladverlies.
  • Het stilleggen van aardappelplaag in het perceel leidt uiteindelijk dikwijls tot een overgebruik van producten.

Een minder strak spuitschema kan alleen worden overwogen bij gestabiliseerde vegetatie en mits het klimaat ongunstig is voor Phytophthora.