You are here

Nemathorin 10G: Het insecticide met dubbele werking

Nemathorin 10G

Werkzame stof 

Fosthiazaat

Formule 

WG-granulaat

Dichtheid

1,13 g/ml

Dosis 

Rijenbehandeling (kniptorren en aaltjes): 7,5/ha

Volvelds tegen kniptorren: 20 kg/ha

Volvelds tegen aaltjes: 30 kg/ha

Toepassing 

1 maal per 48 maanden

Wachttijd voor oogst 

120 dagen

Bufferzone 

1 m met gewone techniek

De voordelen van Nemathorin

1. Dubbele werking tegen aaltjes en kniptorren
2. Werkzaam op elk type bodem
3. Stofvrij granulaat
4. Gemakkelijk op te slaan
5. Alternatieve oplossing voor andere profylactische maatregelen

Toepassingsvoorwaarden

Aardappelcysteaaltjes (Globodera rostochiensis, Globodera pallida):

NEMATHORIN 10 G is hét product tegen aaltjes bij een dosis van 30 kg/ha. Deze dosis geldt voor elk type bodem. In geval van rijenbehandeling is de dosering 7,5 kg/ha.

Kniptorren in knolgewassen:

Goedgekeurd voor 20 kg/ha volvelds tegen kniptorren is NEMATHORIN 10 G een alternatief en een werkzame aanvulling om aantasting van de oogst te beperken. Gelet op de levensloop van de kniptor en de wisselende mate van aantasting kan volledige werkzaamheid niet gegarandeerd worden. Zorgvuldige behandelingsvoorwaarden en de toepassing van aangepaste profylactische maatregelen zorgen voor een beter resultaat. Voor lokale toepassing (alleen voor percelen die licht geïnfecteerd zijn) bedraagt de goedgekeurde dosis 7,5 kg/ha.

Bijzonder geval: rijenbehandeling:

Lokale behandeling moet alleen worden toegepast op percelen waar het risico op kniptorren matig hoog wordt geschat en dit gebeurt onder verantwoordelijkheid van de gebruiker. Wij raden u af aardappelen te telen op percelen waarvoor een zeer hoog risico is vastgesteld.

De sleutels tot het succes van Nemathorin

De kwaliteit van de toepassing is een van de bepalende factoren voor een succesvolle bescherming tegen kniptorren en aaltjes:

  • Zorg voor een goede voorbereiding van de bodem door diep ploegen (dit verandert de textuur van de bodem en verstoort de populaties van kniptorren).
  • Bereid een homogeen plantbed voor met een fijne textuur.
  • Verdeel in geval van volveldse toepassing de korrels regelmatig en werk ze onder tot 10 à 15 cm diepte, maar op niet meer dan 20 cm. Het strooien en onderwerken van het product in de bodem moeten verplicht in één werkgang gebeuren.
  • In geval van rijenbehandeling is het gebruik van een strooier onmisbaar. Dat voorkomt een smalle verdeling in de rij en zorgt voor een gelijkmatige verdeling rond de planten.
  • Controleer regelmatig de toegediende doses (afstelling van de microgranulators).