You are here

Terbutylazine: welke voorzorgsmaatregelen?

Terbutylazine is een belangrijke molecule in de strijd tegen onkruid in maïsteelten. Er moeten echter verschillende voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen om de ecotoxicologische impact ervan te beperken net als het risico op residuen.

Het betreft hier de producten Calaris® Gardo Gold®, GardoPrim® en Primagram Gold®, net als alle andere producten die terbutylazine bevatten.

  1. Bufferzones

Sinds enkele jaren moet er verplicht een bufferzone van 20 meter van alle oppervlaktewater worden gerespecteerd voor alle producten die terbutylazine bevatten.

  1. Driejaarlijks gebruik

Vanaf volgend jaar worden alle producten die terbutylazine bevatten, onderworpen aan een nieuwe beperking, naar aanleiding van de herziening van de ecotoxicologische gegevens die betrekking hebben op bepaalde metabolieten. Vanaf 2022, mogen alle producten die terbutylazine bevatten slechts één keer om de drie jaar gebruikt worden. Tijdens het gebruik, mag er maximaal slechts 750g terbutylazine per hectare gebruikt worden. Deze maximale dosis van actieve bestanddelen vormt echter geen enkel probleem, gezien de goedgekeurde dosis in Calaris deze hoeveelheid niet overschrijdt: 0,75L/ha = 247,5g terbutylazine/ha.

  1. Volgende teelten

De maximumwaarden voor residuen (MRL - maximum residue limits) voor het actieve bestanddeel terbutylazine werden herzien op 9 maart 2021.

Dankzij de inspanningen van Syngenta konden bepaalde aanpassingen doorgevoerd worden om de impact van deze beperking te minimaliseren. De wachttijd voor het zaaien van de belangrijkste teelten bestemd voor de veevoeding werd immers verkort.

Gelieve rekening te houden met de volgende zaken, om ervoor te zorgen dat de nieuwe maximumwaarden voor residuen voor bepaalde teelten na een behandelde maïsteelt met een van deze producten gerespecteerd worden:

In geval van een herzaaiing,

  • De maïs, miscanthus, sorghum, alfalfa; net als de groenbemesting en de tussenbouw (niet bestemd voor menselijke of dierlijke consumptie) mogen geteeld worden zonder wachttijd, gezien ze geen risico lopen op een overschrijding van de maximumwaarden voor residuen.

Na de maïsoogst,

  • De eerder vermelde teelten kunnen vanzelfsprekend gezaaid worden zonder wachttijd.
  • Bieten, aardappelen, granen, andijvie, gras et raaigras, wortelgroenten en knolgewassen (rode biet, wortelen, pastinaak, knolselder, radijzen, koolrapen, rapen, schorseneren, rutabagas, mierikswortel...), wortelpeterselie en knolpeterselie kunnen slechts gezaaid worden ten minste 120 dagen na een behandeling met terbutylazine.
  • Voor alle andere teelten moet er rekening gehouden worden met een wachttijd van 12 maanden tussen de behandeling met terbutylazine en het inzaaien of planten. 

Kort samengevat:

Teelt na maïsoogst

Wachttijd tussen de behandeling en het inzaaien van de volgende teelt

Maïs, miscanthus, sorghum, alfalfa

Geen wachttijd

Groenbemesting en tussenbouw en teelten niet bestemd voor de menselijke of dierlijke consumptie

Geen wachttijd

Bieten, aardappelen, andijvie, gras, raaigras, en granen (tarwe, gerst, rogge,

Spelt, triticale, zoete maïs, haver...)

120 dagen

Wortelgroenten en knolgewassen (rode biet, wortelen, pastinaak, knolselder, radijzen, koolrapen, rapen, schorseneren, rutabagas, mierikswortel...), wortelpeterselie en knolpeterselie

Andere teelten (vlas, bonen, erwten, tuinbonen…)

12 maanden

 

  1. Bij gebruik van Calaris® 

Dankzij de vernieuwing van Calaris, kan het product in de toekomst blijven gebruikt worden, mits een verlaging van de dosis tot 0,75L/ha en een gebruik van sproeiers die de uitval minstens tot 75% verminderen. De bufferzone van 20m blijft aangehouden.

Om in te spelen op deze verlaagde dosis, is Syngenta begonnen met testen om een oplossing te vinden die het beste beantwoordt aan jullie onkruidverdelgingsschema's.