
Smart Cereals - Correct spuiten
4. Toepassing van de herbiciden: de optimale omstandigheden
Vooropkomsttoepassingen van herbiciden spelen een belangrijke rol in de onkruidbestrijdingsstrategieën in graangewassen.
Hoe werken ze ?
Vooropkomstherbiciden worden toegepast vóór de kieming van de onkruidzaden. Zodra
de kieming plaatsvindt, verhindert het herbicide de ontwikkeling van de wortels en de bovengrondse delen en vormt het een barrière tussen de bodem en de oppervlakte. De onkruiden kunnen dus niet opkomen of zich in het gewas vestigen.
- Zorg voor optimale bodemomstandigheden
De bodemvochtigheid moet voldoende zijn om de actieve stoffen te laten doordringen in de bovenste bodemlaag, waar de onkruiden kiemen. Een te droge bodem vermindert de werking van het herbicide. Is de bodem te vochtig, dan kunnen de actieve stoffen de wortelzone van het gewas bereiken en het gewas schaden. - Spuit niet op een kluiterige bodem
Op een fijne, aangedrukte bodem komen de onkruiden bij hun opkomst goed in contact met het herbicide. Grote kluiten verhinderen dat de spuitvloeistof bepaalde bodemzones bereikt, waardoor onkruiden overleven. - Zaai op de juiste diepte
De wortels en de scheuten van de onkruiden nemen bij de kieming de actieve stof op die in de herbicidenlaag aanwezig is, waardoor ze afsterven. Wij raden aan op een diepte van minstens 32 mm te zaaien, om de graanzaden buiten het bereik van het herbicide te houden. - Pas het herbicide toe binnen 48 uur na de zaai
De onkruiden kunnen beginnen kiemen zodra de zaai afgerond is: een zo vroeg mogelijke vooropkomsttoepassing verhindert hun vestiging en laat toe de bodemvochtigheid te benutten
Verplichte toepassingsvoorwaarden voor prosulfocarb in het najaar
Prosulfocarb is een onmisbare molecule in tal van teelten. Om een veilig gebruik te garanderen en zo het behoud van de erkenningen met deze molecule te verzekeren, is het noodzakelijk de belangrijke gebruiksvoorwaarden na te leven. De belangrijkste worden hieronder opgesomd:
- Gebruik van een techniek met driftreductie van minstens 90%
- Maximale spuitdruk van 3 bar
- Toepassing uitsluitend wanneer de windsnelheid niet meer dan 10 km/u bedraagt
- Maximale snelheid van de spuitmachine van 10 km/u
- Watervolume : volg de instructies van elk product op het etiket
- Tussen 1 september en 1 maart is geen enkel gebruik toegelaten wanneer op de aangrenzende percelen of in de directe omgeving nog te oogsten groenten, kruiden of fruit aanwezig zijn.
- Tussen 1 september en 1 maart is het gebruik in West-Vlaanderen niet toegelaten, met uitzondering van de Polderstreek.
Verplichte toepassingsvoorwaarden voor prosulfocarb in het najaar
Toepassing van de herbiciden: de cruciale aandachtspunten
De spuitdoppen
Grove tot zeer grove druppels verlagen de drift nog verder. De huidige toepassingswerken tonen uitstekende prestaties met doppen met 90 % driftreductie, wat aantoont dat driftreductie de werking niet schaadt.
- Het weer
De windsnelheid is de belangrijkste driftfactor; de ideale omstandigheden stemmen overeen met kracht 2 op de schaal van Beaufort (5-10 km/u). Hogere snelheden kunnen de spuitvloeistof buiten het doel voeren. Vermijd spuiten bij volledig windstil weer, waardoor de spuitvloeistof in de lucht kan blijven hangen. De windsnelheid verdubbelen betekent de drift verdubbelen.
Toepassing van de herbiciden: de aandachtspunten
- De rijsnelheid
Te hoge snelheden verminderen de stabiliteit van de spuitboom en veroorzaken turbulentie achter de boom, wat de drift kan verhogen en de werking van het product kan verlagen. In de proeven lag de optimale snelheid voor de toepassing van vooropkomstherbiciden onder 12 km/u, met het beste evenwicht tussen werkcapaciteit en werking - De dophoogte
Zodra de rijsnelheid is vastgelegd, bestaat de volgende stap erin een correcte spuitboomhoogte te verzekeren. In de proeven steeg de werking van 70 % naar 87 % bestrijding door de boom van 100 cm naar 50 cm boven het gewas te verlagen. - Aanbevelingen voor het gebruik van spuitdoppen bij een toepassing in vooropkomst