Gewasbescherming

“Dankzij nuttige bacteriën meer voeding voor de plant.”

Cepacet

De nieuwe biobemester CEPACET® bevat bacteriën die stikstof en fosfaat beschikbaar kunnen maken voor de plant. Het gaat daarbij om een natuurlijk proces zonder schadelijke effecten voor de plant of het milieu. CEPACET kan helpen om krappere bemestingsnormen op te vangen. Ook zijn kwaliteitseffecten aangetoond.

“Het is eigenlijk Vixeran Plus”, zegt Ties Berkers van Syngenta Crop Protection. Die biobemester met stikstofbindende bacteriën (Azotobacter salinestris CECT9690) is al langer op de markt en heeft in de praktijk ook al effecten laten zien. Berkers: “We zien in objectieve proeven met Vixeran dat het product in granen gemiddeld zo’n 30 tot 40 kilo N-bemesting kan compenseren. Ook in bieten, mais en grasland zijn positieve opbrengsteffecten vastgesteld. Dat betekent dat de boer voor een gelijkblijvende opbrengst kan volstaan met een lagere stikstofbemesting.” 
In de CEPACET krijgt de stikstofbindende bacterie gezelschap van een andere bacteriestam (Bacillus megaterium CECT9689) die in staat is om gebonden fosfaat vrij te maken. “Het maakt daarbij niet uit of het organisch of anorganisch gebonden is”, aldus Berkers, “beide vormen worden op hun eigen manier losgemaakt”.

Bodem en blad

Een belangrijk verschil tussen de twee is dat Vixeran zowel een blad-, wortel- als bodemtoepassing is en de CEPACET een pure bodemtoepassing. “De fosfaatbacterie doet z’n werk namelijk alleen in de grond”, licht Berkers toe. “Onze stikstofbindende bacterie werkt behalve in het blad ook in de bodem en binnenin de wortels. Daarmee onderscheidt hij zich van andere stikstofbinders die alleen in het blad werken.”

De stikstof die vrijkomt bij gebruik van CEPACET of Vixeran komt beschikbaar als ammonium (NH4+). “Ammonium is dé stikstofvorm die de plant nodig heeft”, stelt de technisch product specialist. “Bovendien spoelt ammonium minder snel uit dan nitraat en dat is een voordeel. Daar komt nog bij dat de productie van N door de bacteriën een vraaggestuurd en natuurlijk proces is. Als de plant de beschikbare N niet nodig heeft, stoppen de bacteriën met stikstof fixeren en zullen ze het overschot gebruiken voor hun eigen groei. Je krijgt dus minder snel een te hoog nitraatgehalte bij de wortels wat bij kunstmest of drijfmest wel kan gebeuren. Bovendien kan te veel nitraat leiden tot een minder weerbare plant.”

Wanneer toepassen?

Behalve de eerdergenoemde opbrengsteffecten heeft Syngenta in een aantal gewassen ook een positieve invloed op de kwaliteit waargenomen. “In suikerbieten zagen we het suikergehalte omhooggaan en in gras steeg het gehalte ruw eiwit”, vertelt Berkers.

Kijkend naar de samenstelling en de eigenschappen van beide is dat CEPACET volgens de crop advisor het meest geschikt voor relatief korte teelten waarbij het bijvoorbeeld mogelijk is om het aan te gieten, toe te passen op een planttray, een shot per plant te geven bij het planten of bij de plant te brengen via fertigatie. “De CEPACET moet bij de wortels komen en voor een snelle kolonisatie heeft het bij voorkeur een actief groeiende plant nodig”, legt Berkers uit. “Na 6 tot 8 weken wordt de bacteriekolonie langzaam kleiner, dus in die eerste periode zit je voordeel. Met Vixeran wil je zowel het blad als de bodem en wortels raken, dus die pas je iets later toe. Voor nu adviseren wij Vixeran zelf vooral voor granen, suikerbieten en andere langere teelten. Ook in groenbemesters kan Vixeran goed tot zijn recht komen”.