You are here

Snoeptomaatjes teeltinfo #1 - week 12

Glasgroenten
15.03.2019
Snoep mix

Hoe was het klimaat tot nu toe en hoe hebben de planten hierop gereageerd?

De eerste helft van december was behoorlijk lichtrijk, daarna volgde een donkere maand januari. Vanaf half februari nam het licht sterk toe en in de laatste week van februari hadden we zomerse temperaturen van wel 20 °C.

Door de donkere januari maand was het moeilijk om de eerste tros er goed aan te krijgen, we zien hier en daar nog wel wat missers opgetreden. Na een trage start zijn de gewassen door het toenemende licht half februari behoorlijk bijgetrokken zonder dat ze te sterk werden. Het ontbreken van echte kou in februari waardoor de gewenste temperaturen zijn gerealiseerd en snelheid kon worden gemaakt heeft hierbij geholpen.

 De gewassen staan nu sterk generatief met voldoende werking op de vruchten.

Op welke kopafstanden is er geplant en wanneer zijn er koppen bijgemaakt en zijn we op eindafstand?

Onbelichte teelt: De meeste onbelichte gewassen zijn op 2.1 tot 2.5 koppen per m2 geplant, meestal geënt getopt op het 2de blad, in enkele gevallen op het 3e blad wat ondanks de winterse omstandigheden goed plantmateriaal heeft opgeleverd met 3 gelijke scheuten. In februari zijn er dieven bijgemaakt en staan we op een eindafstand van 4.2-4.7 koppen/m2 afhankelijk van ras en beschikbare hoeveelheid CO2.

Belichte teelt: onder de standaard belichtingscapaciteit van 180 micromol zijn de plantingen van augustus t/m oktober op winterdichtheid geplant met een 3 of 4 topper. De winterafstand is 3.5 -3,75 koppen/m2. Daarna worden in januari koppen bijgemaakt naar 4.5-5 koppen/m2. We zien dat alle rassen vanwege het generatieve karakter vaak op de sterkste onderstam geënt worden, in dit geval vaak DR0141.

Wat is de actuele situatie van onze rassen?

Sweetelle

Onbelichte teelt: Mooi generatief gestart, mooi open gewas met veel splittrossen.

Belichte teelt: gewas is goed in balans en begint nu wat hergroei te geven nu het licht toeneemt. Er wordt een prima kwaliteit geoogst waarvan de grofheid weer wat toeneemt.

Funtelle

Dit staat allemaal vergelijkbaar aan Sweetelle maar allemaal iets sterker en groeizamer. Dit moet dus iets generatiever gestuurd worden door meer intering en met een hogere dagpiek. De etmaal temperaturen zullen bij Funtelle hoger liggen dan bij Sweetelle. Bij Funtelle zullen we eerder naar eindafstand gaan. Zorg bij dit ras voor een hoger Kali cijfer dit verbetert de vruchtkwaliteit. Een nachtbeurt kan aangewezen zijn om holle vruchten te voorkomen.

Bamano

Zoals altijd groeit dit ras generatief sterk met voldoende aanmaak en splittrossen. Dit is een prettig ras om weg te laten groeien in het voorjaar en komt snel in balans. Het ras geeft zeer veel splittrossen en daarom is het belangrijk om de aanmaak te checken en op basis daarvan te snoeien.

Ivorino

Dit ras groeit makkelijk vegetatief weg, daarom zijn een aantal generatieve acties aanbevolen. Er wordt altijd geadviseerd om de planten langer naast het plantgat te houden. Daarnaast halen we in het begin van de teelt  om de 3 weken 2 blaadjes uit de kop, extra blad uit de plant halen kan noodzakelijk om de plant in balans te krijgen.

Wat zijn de belangrijkste adviezen omtrent klimaatsturing (temperaturen, raamstanden, vocht, buizen...)?

Normaal gesproken gaan we nu een periode in van warmer weer, droge buitenomstandigheden en felle instraling met nog wel koele nachten waarmee we de gewenste etmalen kunnen realiseren. Maak de ochtend niet te koel voor de generatieve rassen om voldoende groei en strekking te houden op de plant. 18 °C is koel genoeg, dit geeft niet teveel strekking maar ook niet teveel rem op de groei in de ochtend.

Optimaliseer eerst het dagklimaat. Laat van de gewasstand en kracht afhangen hoe hoog de dagtemperatuur met zon mag zijn, dit zal tussen de 23-27 °C variëren. Met zonnig weer zien we de RV graag tussen 70-80% om groei te behouden. Bij dunne koppen moeten we de temperatuur voorrang geven op vochtsparen. Een dunne generatieve kop moeten we niet warmer maken dan 23-24 °C met zon. Als de RV onder de 70% komt moeten we de windzijde gaan knijpen tot max 10-20%. Het mag door het knijpen van de ramen echter maximaal 1-2 °C warmer worden in de kas, anders moeten de ramen niet geknepen worden.

Momenteel produceren de gewassen onbelicht al teveel vocht om het doek nog te sluiten overdag. Werk alleen in de nacht met een schermdoek en houdt hierbij altijd het vocht in de gaten. Laat het VD niet onder de 1.5 g komen zodat we het gewas gezond houden. Als het vochtiger wordt is het advies om te  luchten boven het doek en als volgende stap een min. buis van 30-35 °C in te stellen  om het vocht af te voeren. Afhankelijk van de gerealiseerde dagtemperatuur moeten we de nacht temperatuur invullen om naar het gewenste etmaal te sturen. Houd etmalen de komende maanden tussen 18 °C (donker weer) en 20,5 °C met zonnig weer. Hogere etmalen zijn onwenselijk omdat dit de dissimilatie teveel stimuleert en dit uiteindelijk productie kost. De buis moet makkelijk wegvallen tussen 300-500 W (als men nog met een min. buis werkt) omdat anders teveel vocht wordt afgevoerd en dit de plant onnodig generatief maakt en we hiermee ook nog CO2 de kas uitluchten. Op donkere dagen is een dagpiek van 20 °C voldoende, warmer is ongewenst omdat dit de dissimilatie verhoogd en we op donkere dagen etmalen willen drukken om kracht in de plant te houden.

Hoeveel uren is het nodig om te belichten? Wanneer?

De maand maart is nog een goede maand om met 100% groeilicht 18 uur te belichten. Als de etmalen boven de 19 °C gaan komen op een gemiddelde dag moeten we later gaan starten met belichten in de nacht, dit om de temperaturen in de nacht nog genoeg te kunnen drukken.

In april en mogelijk donkere mei weken kan nog met 50% van de installatie belicht worden. De gewassen moeten dit echter wel aankunnen want veelal komen ze hierdoor generatiever te staan. Anderzijds geven we op langdurig donkere dagen met belichting de plant meer kracht waardoor de bladstrekking ook weer toe kan nemen op basis van toenemende groeikracht. Belicht maximaal van 1 uur voor zon op tot 17:00/18:00 op donkere dagen. In de ochtend kunnen de lampen uit bij een instraling tussen 250-350 W. Dit voorkomt dat er  teveel warmte moet afgevoerd worden en dat er een  luchtvochtigheidsverlaging moet ingesteld worden. Dit is immers niet wenselijk gezien de generatieve groei van de rassen. Bij een gemeten dagsom buiten van 1000 J kunnen de lampen uit en hoeven daarna ook niet meer aangeschakeld te worden mocht het in de middag onverhoopt weer donker worden.

Wat zijn de aandachtspunten voor komende periode?

Onbelichte teelt: balans houden, de plant kan na eerste oogst wat hergroei gaan geven en dit moeten we zien te beteugelen.

Belichte teelt: de belichtingsinstallatie zo goed mogelijk benutten zonder dat dit ten koste gaat van het klimaat (vocht). Strategie bepalen wanneer en hoe snel de lampen af te bouwen in de maand maart, afhankelijk van gewasstand en groeikracht.

Hoe is de watergift strategie zowel belicht als onbelicht?

Onbelichte teelt: hier kunnen we wat meer interen naar 13-14% om de plant nog wat generatiever te sturen indien nodig. We moeten hier nu elke dag drain maken (30%) om de voeding en EC in juiste balans te houden.

Belichte teelt: Streef naar een volume%intering van de mat 8-10% om groei te houden. Streef naar druppeltijden tussen 2 uur na zon op en 2 uur voor zon onder om de gewenste intering te bereiken. Als binnen deze tijd het interingpercentage te hoog is, kan in de nacht een aanvullende beurt gegeven worden.

Wat is de huidige status van ziekten en plagen?

Door de snelle versprijding van ziekten en plagen is het heel belangrijk dat men stenge hygiënemaatregelen hanteerd binnen het bedrijf. 

Tuta en Nesi zijn de grote plaaggeesten dit jaar. Zeker in de belichte teelten zijn er veel problemen met eerst Tuta en daarna Nesi geweest. In veel gewassen is ingegrepen en is de Tuta onder controle. Door het ingrijpen tegen Nesi is vaak ook Macrolophus gereduceerd. Zaak is om beide op een bepaald niveau te houden zodat we eventueel inkomende witte vlieg direct kunnen bestrijden. Tuta is goed te bestrijden met de verwarringsferomonen en blauwe vanglampen. Ook is er in diverse gewassen blad uitgedraaid om de Tuta druk te verlagen. Galmijt speelt wel een rol in de belichte teelten waartegen secuur en frequent met zwavel moet worden gespoten.

In veel onbelichte gewassen is chemisch gestart vanaf de plantenkweker om zo de nieuwe teelt schoon te beginnen. Momenteel worden er onbelicht niet veel problemen gemeld.

Moeten we komende weken ons bemestingschema aanpassen?

Bij onbelichte gewassen die met een generatief laag NO3 schema zijn gestart is het zaak de NO3 op te gaan voeren naar minimaal 15 punten in de gift om voldoende groeizaam te bemesten en in het voorjaar groei te houden. De EC kan nu op 4-5 punten in de drain worden aangehouden om voldoende groei en vruchtzwelling te behouden. In geval van neusrotgevoeligheid is het aangewezen een hogere Ca opname te stimuleren door K gift te verlagen naar ratio K:Ca 1:1 in gift. K is ook een vegetatief element dus indien we geen neusrot verwachten kan wat meer K meegeven helpen om de groei te stimuleren.

Heb je nog algemene tips voor de komende periode?

Overweeg coating op het kasdek aan te gaan brengen als men weet dat gewassen moeilijk groei houden, zeker voor de belichte gewassen is dit een aanrader. Aangeraden is om te kiezen voor een lichte concentratie diffuse coating zodat de plant makkelijker kan blijven groeien zonder dat we teveel licht wegnemen. Dit kan net genoeg zijn om genoeg groei te houden de komende maanden. Zeker in de zomer als we meer dan genoeg licht hebben en CO2 de beperkende factor is, is de groeisituatie met een coating in veel gevallen gunstiger. Streef ernaar om de coating rond 1 mei op te brengen.

>> Volgende teeltinfo kunt u in de week 22 verwachten!