You are here

Onderschatte uitdaging om in 2050 de wereld te voeden

Algemeen
02.06.2016

Europeanen onderschatten de mondiale voedselproblematiek. Slechts vier procent van de volwassenen raadt juist dat de voedselproductie met 60 procent moet stijgen om de wereldbevolking in 2050 te kunnen voeden. De enquête werd in april afgenomen bij ruim 5.600 burgers en dit in opdracht van ECPA, de Europese federatie van de gewasbeschermingsmiddelenindustrie. Gelet op de opdrachtgever werd er logischerwijze ook gepeild naar de kennis van en houding tegenover gewasbeschermingsmiddelen. De resultaten leren vooral dat burgers er nauwelijks bij stilstaan dat boeren ieder jaar opnieuw voor een uitdaging staan om hun gewassen te beschermen tegen ziekten en plagen.

Volgens de gewasbeschermingsmiddelenindustrie, wiens belangen in Europa verdedigd worden door ECPA, hebben consumenten er geen idee van dat de voedselvoorziening op het spel staat wanneer boeren niet zouden kunnen beschikken over “innovatieve oplossingen zoals gewasbeschermingsmiddelen om hun teelten te beschermen”. In Polen heeft bijna één op de drie respondenten er geen benul van waarom landbouwers gewasbeschermingsmiddelen inzetten. Zij waren het namelijk niet eens met het feit dat deze producten landbouwgewassen beschermen tegen schadelijke invloeden, meer bepaald tegen onkruiden, ziekten en plagen. Ook het opbrengstverlies door deze belagers wordt door Europeanen onderschat. In het Verenigd Koninkrijk schat maar 12 procent van de respondenten het juist in, op 40 procent namelijk.

Behalve in Polen en het Verenigd Koninkrijk werd de bevraging ook uitgevoerd in Duitsland en Spanje. In elk van deze landen wordt de ernst van het mondiale voedselvraagstuk onderschat. Consumenten verwachten dat ze toegang hebben tot veilig, betaalbaar en kwaliteitsvol voedsel. Dat wat vandaag wordt geproduceerd niet zal volstaan, stuit op onbegrip. De studie waarin Wereldvoedselorganisatie FAO de noodzakelijke stijging van de landbouwproductie richting 2050 op 60 procent raamt, is nauwelijks gekend bij de man in de straat. Slechts vier procent van de respondenten heeft de vereiste voedselproductiestijging juist terwijl een meerderheid de uitdaging onderschat. Jongvolwassenen zijn er zich iets beter bewust van.

Aangezien de gewasbeschermingsmiddelenindustrie de studie financierde, werd er ook uitgebreid gepeild naar de houding van de consument tegenover deze hulpmiddelen voor de boer. Met de resultaten wil ECPA het debat over gewasbeschermingsmiddelen voeden, en het lanceerde daarvoor op Twitter de hashtag #WithOrWithout. Uit de enquête blijkt dat zeven op de tien respondenten erkennen dat ze het aan landbouwers, en aan de gewasbeschermingsmiddelen die zij gebruiken, te danken hebben dat er meer dan voldoende groenten en fruit beschikbaar zijn. En 57 procent erkent dat opbrengsten wereldwijd meer dan halveren zonder gewasbeschermingsmiddelen tegen ziekten, plagen en onkruiden. Al spreken ze zichzelf wat tegen door in een volgende vraag het opbrengstverlies in de helft van de gevallen op minder dan 40 procent te ramen. Die 40 procent is het mondiale verlies aan gewasopbrengsten waar het Europees Parlement vanuit gaat.

Europeanen hechten veel belang aan de betaalbaarheid van voedsel zodat alle huishoudens er toegang toe hebben. De respondenten uit Spanje bleken daar het meest gevoelig voor. Slechts de helft van alle respondenten doorziet dat er een link is tussen de bestrijding van belagers van landbouwgewassen en de prijs van voedsel.

Meer info: ECPA